UDEN - Met een weekendtas in zijn hand staat Jos van
Sleeuwen op de oprit van zijn woning in Volkel. Hij weet wat hem te wachten
staat. Opnieuw naar het Radboudumc in Nijmegen. Opnieuw een zware behandeling.
Opnieuw weken in het ziekenhuis. Maar dan gebeurt iets wat volgens zijn broer
Jeroen typisch Jos is. Hij lacht, geeft een hand en zegt: “Houdoe, tot snel
weer in het Radboud.”
Door Peter Noy
Dit korte afscheid op de oprit typeert de 28-jarige
Volkelaar die sinds de diagnose begin januari een zware strijd voert tegen
acute leukemie. Terwijl familie en vrienden dachten dat zij hem moed moesten
inspreken, bleek het vaak andersom. "Op de eerste dag zei hij al: 'Ik
blijf sterk, dat moeten jullie ook doen. We gaan ervoor',” vertelt broer Jeroen
van Sleeuwen (33).
Medische achtbaan
Nog geen half jaar geleden zag het leven van Jos er
heel anders uit. Samen met zijn vriendin Aniek (25) woont hij in Volkel, waar
ze hun woning stap voor stap willen verbouwen. Jos werkt als engineer bij een netbeheerder
en rondde eerder zowel een mbo- als hbo-opleiding in de mechatronica af. Naast
zijn werk heeft hij een grote passie voor muziek. Samen met een vriend volgde
hij in Hilversum een opleiding om zich verder te ontwikkelen als producer. Die
opleiding ligt inmiddels achter hem, maar de muziek niet. "Daar haalt hij
energie uit", vertelt Jeroen. "Hij kan daar helemaal in opgaan."
Maar rond de jaarwisseling veranderde alles. Na een ooroperatie kreeg Jos
steeds meer pijnklachten. Uiteindelijk bleek er veel meer aan de hand. Op 3
januari volgde de diagnose: acute lymfatische leukemie, een agressieve vorm van
bloedkanker. "Je hoort zoiets alleen verder weg, maar opeens zit je er
zelf middenin", zegt Jeroen. "De grond zakte onder onze voeten
vandaan." Sindsdien volgt voor Jos een intensief behandeltraject met
chemotherapie en immunotherapie. De afgelopen maanden waren een
aaneenschakeling van hoopvolle berichten, tegenslagen en nieuwe onzekerheden. Toch
bleef één ding overeind: zijn vastberadenheid.
Samen sterk
Ook zijn gevoel voor humor verloor hij
niet. Toen Jos in het ziekenhuis met muziek bezig was, hoorde een arts een van
zijn producties en vroeg: "Kan ik een keer mee?" Waarop Jos grapte:
"Dat is goed, dan regel ik VIP-tickets, maar dan moet je me eerst beter
maken." Volgens Jeroen was hij nauwelijks bezig met de vraag waarom juist
hem dit overkwam. "Hij wilde vooruit." De ziekte bracht niet alleen
onzekerheid, maar liet ook zien hoeveel mensen met Jos meeleven. Familieleden
bezoeken hem regelmatig in Nijmegen. Vrienden sturen berichten, kaarten en
steunbetuigingen. De ziekte bracht familieleden nog dichter bij elkaar.
"We waren altijd al een hechte familie. Nu merk je hoe belangrijk dat is.
We trekken hier samen in op." Verpleegkundigen in het ziekenhuis merken
zelfs op hoe vaak familieleden langskomen.