UDEN - Wie in Uden of omgeving ooit een ouder, familielid of kennis had wonen in
woonzorgcentrum Sint Jan, kent haar. Grote kans zelfs dat zij degene is die je
welkom heette met een glimlach en een kop koffie. Na bijna 43 jaar neemt Tiny
van Venrooij (66) afscheid van ‘haar’ Sint Jan. Donderdag 29 januari sluit zij
een hoofdstuk af dat voor velen voelt als Udense geschiedenis.
Door:
Peter Noy
Sinds
1983 werkt Tiny van Venrooij in restaurant De Ontmoeting, het kloppend hart van
Sint Jan. Officieel is zij gastvrouw, maar in de praktijk regelt zij de
volledige horeca. “Ik sta niet zo op de voorgrond”, zegt ze bescheiden. “Maar
ik maak wel graag een praatje. Even vragen hoe het gaat, of het eten lekker
was.” Wat ze straks het meest zal missen? “De gezelligheid en de aanloop de
hele dag. Het is hier nooit hetzelfde. Dan komt er iemand voor koffie met
gebak, dan weer een familie die samen wil zijn omdat het niet goed gaat met
iemand.” Toen Tiny begon, zag Sint Jan er heel anders uit. Bewoners kregen hun
maaltijden op de kamer en de horeca was beperkt. In de loop der jaren groeide
Sint Jan uit tot een echte ontmoetingsplek. “Voor de mensen is het nu leuker”,
vindt Tiny. “Er zijn meer activiteiten
en meer mogelijkheden. Familie kan hier samen zitten, koffie drinken, een
uitsmijter eten of met de kleinkinderen frietjes halen. Dat was vroeger
ondenkbaar.” Wat volgens haar nooit verandert, is de sfeer. “De gezelligheid.
Mensen moeten zich hier thuis voelen, anders komen ze niet.”
Tevreden mensen, dát
telt
Een werkdag is voor Tiny pas geslaagd als de mensen tevreden zijn. “Als
ze zeggen: ‘We hebben lekker gegeten vandaag’, of als iemand hier een feestje
geeft en iedereen blij is. Daar doe ik het voor.” Ook privé kent Tiny diepe
dalen, waaronder het verlies van haar dochter Linda in 2016. Het werk gaf haar
betekenis en draagkracht, juist toen het moeilijk was. Afscheid nemen van haar
werk vindt ze lastig te duiden. “Dat moet nog blijken”, zegt ze nuchter. Bang
om in een gat te vallen is ze niet. Wandelen, oppassen op haar vier
kleinkinderen en meer tijd voor zichzelf: het komt wel. Voor collega’s,
bewoners en vele Udenaren blijft Tiny vooral dat vertrouwde gezicht. Zelf hoopt
ze dit: “Dat ik het goed heb gedaan.” En precies dát is wat velen van haar
zullen beamen.